'Belgische urologen zijn al lange tijd voorloper op het gebied van robotchirurgie'
Robotchirurgie, artificiële intelligentie en minimaal invasieve technieken hervormen de manier waarop urologen werken en patiënten worden behandeld. Maar technologische vooruitgang brengt ook uitdagingen met zich mee rond terugbetalingen, opleiding en beleid. Artsenkrant sprak met uroloog dr. Marc Claessens, ondervoorzitter van de Belgische Vereniging voor Urologie (BVU), over de belangrijkste evoluties binnen het vakgebied en de rol die de BVU daarin op zich neemt.
De expertise van Claessens is vooral gericht op de heelkundige behandeling van urologische kankers en robotchirurgie.
Belgische urologen staan al langer bekend als pioniers in robotchirurgie. Wat is de meest opvallende innovatie van de afgelopen jaren?
Dr. Marc Claessens: Belgische urologen zijn al lange tijd voorloper op het gebied van robotchirurgie, dat gaat ondertussen al zo'n twintig jaar terug. In de meeste ziekenhuizen is de urologische dienst nog steeds de afdeling die het meest gebruikmaakt van de operatierobot, al sluiten andere diensten zich daar steeds meer bij aan. De toename van het aantal operatierobots in België is daar een duidelijk bewijs van. Wat het afgelopen jaar als baanbrekende innovatie écht in de belangstelling staat, is de eenarmige robot: de Da Vinci Single Port. Ook daarmee lopen wij als discipline opnieuw voorop, met uroloog prof. dr. Alex Mottrie als absolute pionier in ons land.
Wat merkt u in de dagelijkse praktijk van deze innovatie?
De verschuiving naar minimaal invasieve chirurgie is geen graduele aanpassing; het is een fundamentele omwenteling, en dat geldt voor alle chirurgische disciplines. De impact ervan op de patiënt is enorm. Toen ik achttien jaar geleden als assistent werkte, lag een patiënt na een radicale prostatectomie gemiddeld een week tot tien dagen in het ziekenhuis. Vandaag gaat diezelfde patiënt in de meeste ziekenhuizen al na twee of drie dagen naar huis, terwijl dit in sommige centra zelfs de dag na de ingreep al is. Dat betekent niet alleen meer comfort voor de patiënt, maar ook een betere benutting van ziekhuisbedden. De maatschappelijke winst is dus veel groter dan alleen het klinische resultaat.
Technologie evolueert snel, maar de terugbetaling lijkt moeilijker bij te benen. Hoe kijkt u daarnaar?
Dat is een spanningsveld dat we goed kennen. De overheid volgt zulke innovaties doorgaans trager, en dat is op zich begrijpelijk: het gaat om publieke middelen en elke beslissing over terugbetaling vraagt een zorgvuldige afweging. Robotchirurgie is duurder dan klassieke chirurgie, vooral door de specifieke instrumenten en disposables die ervoor nodig zijn.
Intussen is er terugbetaling voor bepaalde verbruiksgoederen, daarin heeft de BVU een belangrijke rol gespeeld. De eerste realisatie was de terugbetaling van de robotgeassisteerde laparoscopische radicale prostatectomie. De BAU, een subgroep van de BVU gespecialiseerd in laparoscopie, heeft daarvoor een eigen wetenschappelijke studie opgezet die de voordelen van de robotaanpak onderbouwde.
Dat wetenschappelijke bewijs was de sleutel. Een paar jaar later volgde dezelfde aanpak voor de robotgeassisteerde laparoscopische partiële nefrectomie, waarvoor de terugbetaling ondertussen ook geregeld is. Voor andere ingrepen hopen we dat dit nog volgt, al is het bewijs soms moeilijker te leveren wanneer klassieke laparoscopie vergelijkbare resultaten geeft. Het is dus afwachten hoe dit verder evolueert. 
AI is een van de grote thema's van dit moment. Op welke manier speelt de BVU daarop in?
We richten ons in eerste instantie op patiëntcommunicatie. De BVU heeft al jaren geleden werk gemaakt van kwalitatieve informed consent-documenten en patiëntenbrochures, samen met het bureau van het kantoor van meester Dewallens voor de correcte juridische omkadering. Maar die aanpak heeft zijn grenzen: een papieren brochure raakt verouderd en niet iedereen leest uitgebreide webteksten.
Kunstmatige Intelligentie biedt hier nieuwe mogelijkheden. We onderzoeken momenteel bijvoorbeeld hoe we informatie kunnen laten voorlezen of visualiseren via avatars van artsen, zodat patiënten op een laagdrempelige manier worden voorbereid op een ingreep. Het gaat dus niet om AI in de operatiezaal, hoewel dat ook steeds dichterbij komt, maar om AI als communicatiemiddel tussen arts en patiënt.
Zijn er ook andere beleidskwesties die de BVU bezighouden?
De hervorming van de nomenclatuur sleept al lang aan en levert slechts mondjesmaat resultaten op. Wat ons recent echt heeft opgeschrikt, is dat de terugbetaling voor ingrepen gericht op het verbrijzelen van nierstenen sinds 1 januari plots werd gehalveerd. Dit gebeurde zonder enig voorafgaand overleg met de BVU of andere beroepsverenigingen. Tegelijk dreigde de terugbetaling voor totale circumcisie te verdwijnen, op drie zeer strikte indicaties na. Dat zijn ingrijpende beslissingen die rechtstreeks de praktijk raken, en ze werden genomen zonder het werkveld te consulteren. We hebben onmiddellijk contact opgenomen met de overheid en zijn, samen met de syndicaten, hard voor onze standpunten opgekomen. Voorlopig is die beperking on hold, maar waakzaamheid blijft geboden.
De urologie is een sterk internationaal georiënteerde discipline. Hoe vertaalt de BVU dat naar opleiding en kennisdeling?
We investeren sterk in internationale uitwisseling. Via congressen en symposia halen we regelmatig buitenlandse experts naar België, en onze leden zijn actief aanwezig op internationale podia. Maar we willen kennisdeling ook laagdrempeliger maken. Daarom staat de BVU mee aan de wieg van Medflix, een online platform waarop lezingen, operatietechnieken en presentaties van toonaangevende experts worden gedeeld. Het platform is momenteel puur urologisch, maar toegankelijk voor elke arts in België. Je kunt er gericht zoeken op ingreep of aandoening. Wil je bijvoorbeeld bijleren over spierinvasieve blaaskanker, dan vind je in een paar klikken alle relevante opnames van voorbije congressen en symposia.
'Volledig autonoom opererende robots zijn nog niet voor morgen, maar de eerste concrete toepassingen zijn dichterbij dan veel mensen denken'
– Marc Claessens
Als u tien jaar vooruitkijkt: wat wordt de grootste gamechanger, en waar zet de BVU de komende jaren op in?
AI, zonder twijfel. De impact zal veel verder reiken dan patiëntcommunicatie alleen. Volledig autonoom opererende robots zijn nog niet voor morgen, maar de eerste concrete toepassingen zijn dichterbij dan veel mensen denken. Ik zou er niet van opkijken als we daar binnen tien tot twintig jaar al voorbeelden van zien.
Wat de BVU betreft: naast het lopende AI-traject werken we aan een reeks gecertificeerde masterclasses in de verschillende subspecialisaties; uro-oncologie, functionele urologie, endo-urologie en pediatrische urologie. De urologie wordt steeds verder gesubspecialiseerd, en de overheid zal vroeg of laat kwalificatie-eisen gaan stellen. Wij willen daar niet op wachten, maar zelf het initiatief nemen: opleidingen organiseren bij Europese en internationale experts, met een certificering die artsen kunnen voorleggen als bewijs van hun expertise. Zo bouwen we aan een kwalitatief kader dat de patiënt ten goede komt.