Endocrinologie

Endocrinologie 

Nood aan tromboprofylaxe bij Cushing-syndroom 

In vergelijking met de algemene bevolking lopen mensen met het syndroom van Cushing een verhoogd risico op diepe veneuze trombose (DVT). Bij gebrek aan gerandomiseerde studies werd door de ESE (European Society of Endocrinology) een Delphi panel-studie uitgevoerd, wat resulteerde in een set van aanbevelingen.  

Endogeen Cushing-syndroom (CS) gaat gepaard met tal van systemische manifestaties gerelateerd aan de overmaat aan cortisol. De katabole effecten (onder meer resulterend in spierafbraak, dunne huid, slechte wondheling en osteoporose) met de redistributie van de centrale vetmassa en de psychiatrische manifestaties zijn gekende zaken. Maar er is eveneens een verband tussen hypercortisolisme en een verhoogd risico op trombo-embolie.  

Hoog risico 

In een Nederlandse nationale cohortstudie werd bij patiënten met CS een globale incidentie aan DVT van 14,6 per 1.000 personenjaren gezien (versus 1-2 bij de algemene bevolking). Aan de basis van dit hoger risico liggen een endotheliale dysfunctie, hypercoagulabiliteit en veneuze stase (triade van Virchow). Uit een andere survey (door de Pituitary Society) bleek dat het gebruik van tromboprofylaxe bij CS in veel ziekenhuizen nog geen routinepraktijk is en dat er geen standaardisatie bestaat, vandaar de nood aan duidelijke aanbevelingen.    

Aanbevelingen 

Op basis van een Delphi-panel met 18 internationale experten uit 11 landen werden aanbevelingen geformuleerd.  Alles onder voorwaarde dat er geen contra-indicaties aanwezig zijn voor tromboprofylaxe. 

  • Tromboprofylaxe moet overwogen worden bij elke patiënt met CS, onafhankelijk van de etiologie. 
  • Tromboprofylaxe moet starten op het ogenblik van de definitieve diagnose van CS en wordt aangehouden gedurende drie maanden na biochemische remissie. Wanneer CS goed biochemisch onder controle is met medicatie en er geen extra risicofactoren zijn, is geen tromboprofylaxe (meer) nodig.  
  • Bij hospitalisatie met actief CS is tromboprofylaxe nodig.  
  • Wanneer er bij iemand met CS bijkomende risicofactoren aanwezig zijn is tromboprofylaxe aangewezen. 
  • Verder wordt profylaxe perioperatief aanbevolen (bovenop de standaard pre- en postoperatieve profylaxe) en bij invasieve procedures zoals inferieure petrosale sinus sampling.  
  • Voor de behandeling van DVT wordt een therapeutische dosis van anticoagulantia voor drie tot zes maanden aanbevolen met daarna een verlengde tromboprofylaxe van drie maanden nadat Cushing is gestabiliseerd 

De standaardtherapie, een op gewicht gebaseerde preventieve dosis van laag moleculairgewicht heparine, krijgt de voorkeur.   

Bronnen 
1. K. Isand, H., J. Bertherat, O. Dekkers, et al., Delphi panel consensus on recommendations for thromboprophylaxis of venous thromboembolism in endogenous Cushing's syndrome : a position statement, European Journal of Endocrinology, Volume 192, Issue 3, March 2025, Pages R17–R27,  
2. D. J. F. Stuijver, B. van Zaane, R. A. Feelders, et al. Incidence of Venous Thromboembolism in Patients with Cushing's Syndrome: A Multicenter Cohort Study, The Journal of Clinical Endocrinology & Metabolism, Volume 96, Issue 11, 1 November 2011, Pages 3525–3532, https://doi.org/10.1210/jc.2011-1661 

Wat heb je nodig

Krijg GRATIS toegang tot het artikel
of
Proef ons gratis!Word één maand gratis premium partner en ontdek alle unieke voordelen die wij u te bieden hebben.
  • checkwekelijkse newsletter met nieuws uit uw vakbranche
  • checkdigitale toegang tot 35 vakbladen en financiële sectoroverzichten
  • checkuw bedrijfsnieuws op een selectie van vakwebsites
  • checkmaximale zichtbaarheid voor uw bedrijf
Heeft u al een abonnement? 
Geschreven door Patricia De Cock4 februari 2026
Print Magazine

Recente Editie
31 januari 2026

Nu lezen

Ontdek de nieuwste editie van ons magazine, boordevol inspirerende artikelen, diepgaande inzichten en prachtige visuals. Laat je meenemen op een reis door de meest actuele onderwerpen en verhalen die je niet wilt missen.

In dit magazine